Wij gaan naar Texel toe, wij gaan naar Texel toe

Het was de enige mooie dag qua weer van de hele week! De zon scheen en ondanks de kou, was het gewoon prachtig dat het helder was en niet bewolkt of regen, sneeuw en hagel. Via Julianadorp reden we naar Texel, want in dat dorp zaten de Pestvogels (Bombycilla garrulus) die we al snel gevonden hadden. En wat kwamen ze dichtbij terwijl ze hun vrolijke rinkelende geluid lieten horen. De dag was meteen helemaal goed en nog maar amper begonnen want we waren nog niet eens op het eiland. Daar werd het alleen maar beter. Het kostte even een tijdje maar Julian vond de Zwartbuikwaterspreeuw (Cinclus cinclus cinclus) langs het ranzigste en bruinste slootje op heel Texel, wat een gekke vogel. Ook de IJsduiker (Gavia immer) lukte in één keer! Het was lastig een foto te maken want hij dook steeds onder en deed zijn naam eer aan. Op de heenweg zagen we ook nog als bonus een Drieteenmeeuw (Rissa tridactyla) achter de boot aan zweven. Een pizza was de kroon op deze vogeldag.

Zijn eigen plekje


Meerdere keren hebben we jou gezocht. Meerdere keren waren daar alleen de stille bomen. De bomen waar je misschien wel zat, maar je nooit liet zien. Waar je leek te schitteren als afwezige. Waar je leek te schuilen zodat niemand je kon vinden. Maar vandaag is een andere dag! Vandaag zijn jullie met z'n tweeën. Vandaag genieten jullie van de zon, van de aankomende lente al duurt het nog zo lang. Wat mooi om jou te zien op jouw eigen plekje, zachte Ransuil (Asio otus).


De verbeterde versie van de Merel, de Koperwiek (Turdus iliacus). De pastelkleruige achtergrond, maakt deze foto voor mij geslaagd. Je kan nog net een beetje de oranje schouder zien en het snaveltje met de felgele basis wijst eigenwijs in de richting van waarschijnlijk een of andere vette worm.


Waar denkt deze Koperwiek aan? Zijn volgende maaltijd of zijn terugreis naar Scandinavië?

Zaterdags rondje en Zondags ritje

Een ritje door de kou. Want koud is het echt wel. Maar zoals altijd als het droog is eigenlijk, is het fijn om rond te rijden op zoek naar vogels. Julian en ik fietsen op zaterdagochtend een stukje in de buurt. We doen een paar leuke waarnemingen. Zoals een heel erg rond Roodborstje (Erithacus rubecula) en een felblauw IJsvogeltje (Alcedo atthis). Ik denk dat dit Roodborstje bij ons uit de tuin komt... zo rond en als die ooit op de grond valt stuitert die gewoon weer terug op zijn takje. Op zondag rijden we met pap en mam in Groningen rond. Eerst naar Appingedam om daar een slapende en spiedende Ringsnaveleend (Aythya collaris) aan te treffen. Daarna door naar de Breebaartpolder. Het is er zo stil en rustig. Er zijn wel enkele vogels uiteraard, zoals foeragerende Wulpen (Numenius arquata) maar er zijn niet meer dan drie ganzen. Een wonder.

Zag twee beren... bomen smeren

Wachtervlinder
Eupsilia transversa
Julian en ik gingen smeren, als twee beren in het bos. Ik verwachtte niet echt vlinders, want het was best heel koud. Maar meteen bij de eerste controle was het raak! Mijn allereerste nachtvlindersoort in 2018. De Wachtervlinder liet niet op zich wachten.
Zwartvlekwinteruil
Conistra rubiginosa
Ook bij het tweede rondje werden we niet teleurgesteld! Weer een nieuwe soort, het is echt zo spannend om te zien of er weer iets nieuws op de boom zit te wachten om gevonden te worden. Dit maal geen roepende uilen in het duistere bos, maar uilen zo stil als een muis.


Tour de Lauwersmeer


Samen met pap en Julian doe ik een dag een tour rond het Lauwersmeer. Het is verrassend mooi en droog weer, na weken regen, regen en nog meer regen. Het is nog maar het begin van het jaar en het is stiekem zó leuk om nieuwe vogelsoorten te zien voor 2018. We hebben vandaag ook heel erg veel geluk. We beginnen bij kampeerterrein de Pomp waar de Grijze Wouw gezien is en naast dat we die soort zien, zien we zelfs een Roerdomp! Het is net een 'Waar is Wally' zoekopdracht, maar we vinden hem steeds opnieuw tussen het riet. Op het blauwe water drijven vele soorten eenden en zowel de Wilde Zwaan (Cygnus cygnus, foto hierboven) als de Kleine Zwaan (Cygnus columbianus bewickii, foto hieronder) drijven voorbij.


Deze Nonnetjes (Mergellus albellus) zijn ook heel mooi. De zon schijnt zo fijn en helder, dat alles meteen levendiger lijkt.


Bij de vogelhut van Ezumakeeg is bijna al het water bevroren. Het verbaasd me dat er geen Friezen voorbij schaatsen. Deze Bergeenden (Tadorna tadorna) waren echter een paar van de weinige levende zielen.


Papa ontdekte heel scherp deze Grote Zaagbek (Mergus merganser), dus we stopten natuurlijk meteen... langs de autoweg... in het gras.


Bij Lauwersoog haven moesten we natuurlijk ook even stoppen. Langs de wal zaten dit keer niet alleen bergen Steenlopers, maar ook Paarse Strandlopers (Calidris maritima).


Ik zei: "dit jaar heb ik nog geen Brilduiker" en we zagen binnen 5 seconden een Brilduiker (Bucephala clangula). Sommige gebeden worden snel verhoord.


In het laatste daglicht namen we afscheid van de laatste vogels, nog een Grote Zaagbek en een paar wegvliegende Kleine Zwanen.

Pagina's

Abonneren op Natuurkriebels.nl RSS